Overlast van dieren

Ongedierte bestrijden is nodig als er sprake is van overlast of van een bedreiging voor de volksgezondheid.

  • Gaat het om kleine beesten en zitten ze op uw eigen terrein, dan kunt u zelf maatregelen nemen. Milieu-vriendelijke oplossingen zijn er bijna altijd!
  • Woont u in een huurwoning, neem dan eerst contact op met de verhuurder (bijvoorbeeld uw woningbouwcoöperatie).
  • Is er sprake van ongedierte op openbaar terrein, dan kunt u het beste contact opnemen met de gemeente.

Overlast van duiven

Duiven komen steeds meer voor in dorpen en steden in Nederland en kunnen een heuse plaag veroorzaken. Doordat ze nauwelijks natuurlijke vijanden hebben planten ze zich gemakkelijk voort. De uitwerpselen van duiven bevatten salpeterzuur dat grote schade kan aanrichten aan openbare en monumentale gebouwen. Maar bovenal zijn duiven de overbrengers van veel ziektes.

Bij overlast van duiven bent u als de bewoner zelf verantwoordelijk voor het bestrijden daarvan. Het is niet de plicht van de gemeente. Het heeft dan ook geen zin om hierover een melding in te dienen bij de gemeente.

De duif bestrijden is niet eenvoudig. Het is beter om overlast van duiven te voorkomen dan de duiven te verjagen. Zodra de duiven worden verjaagd, zullen zij naar een locatie gaan waar ze niet weggejaagd worden. Met andere woorden, het probleem verplaatst zich.

Het volgende kunt u zelf ondernemen ter bestrijding van duivenoverlast:

  • Houdt woonhuis en bedrijfspand goed schoon en ruim etensresten meteen op. Hou ook de omgeving zo goed mogelijk schoon.
  • Maak afvalbakken zo snel mogelijk leeg en hou ze goed gesloten.
  • Maak luchtinlaten van ventilatiesystemen dicht met gaas. Zorg ervoor dat duiven uw pand niet in kunnen.
  • Voer de duiven niet, want zo houdt u de duivenpopulatie juist in stand!
  • Span een net of scherm uw balkon af met hard geplastificeerd gaas dat in alle bouwmarkten gekocht kan worden.
  • Hang CD's aan nylon draadjes op het balkon waardoor duiven worden afgeschrikt.
  • Bevestig duivenpinnen op rust- en landingsplaatsen, zodat duiven daar niet kunnen neerstrijken. Duivenpinnen zijn kunststof stroken waarop roestvrijstalen pinnen zijn bevestigd. 
  • Er zijn ook apparaten in de handel die geluiden maken die duiven afschrikken.
  • En natuurlijk is de aloude vogelverschrikker, tegenwoordig in veel moderne varianten, in zwang.
  • Schakel een lokale duivenbestrijder in als u zeer ernstige overlast heeft van duiven. Deze vakkundige specialisten bestrijden effectief duiven en helpen u binnen de kortste keren op een vakkundige manier van de duif af.

Duiven mogen niet zinloos gedood of gevangen worden, zelf afschieten is dus verboden

Overlast van de eikenprocessierups

Van mei tot september kan de eikenprocessierups voor overlast zorgen. Contact met de brandharen van de eikenprocessierups kan bij mensen ernstige irritaties geven. U moet daarom niet zelf de rups bestrijden, maar dit door een deskundig bedrijf laten doen.

De gemeente bestrijdt de eikenprocessierups in de openbare ruimte. Kijk ook bij Eikenprocessierups, bestrijding.

Overlast van katten

Het handhaven op kattenoverlast is heel moeilijk. Een loslopende kat in de openbare ruimte heeft zelden zijn baasje bij zich die hierover aangesproken kan worden. Het probleem met katten is bovendien dat ze zich niet laten tegenhouden door een muur, haag of afrastering. Katten hebben daarmee een ‘territorium’ dat veel verder reikt dan de eigen achtertuin. De meeste overlast (en ergernis) van katten vindt dan ook met name plaats in de tuinen van de buren en niet in de openbare ruimten. Op privéterrein kan de gemeente echter niet handhaven.

Inmiddels zijn er wel al verschillende commerciële producten op de markt, waarmee u ongewenste katten uit uw tuin kunt weren. Een kattenbezitter kan natuurlijk ook altijd worden aangesproken op het gedrag van zijn kat.

Voor verwilderde katten kan contact opgenomen worden met de Dierenbescherming Limburg via telefoonnummer 0900 700 9000.

Tips voor kattenhouders

  1. Houd uw katten zo veel mogelijk binnen uw eigen tuin. Plaats een erf afscheiding met verticale latten, waar katten moeilijker overheen kunnen klimmen of eronder kunnen kruipen.
  2. Laat uw katten steriliseren of castreren. Zowel de Dierenbescherming als de gemeente raden dit aan. Gesteriliseerde en gecastreerde katten zijn veel rustiger en veroorzaken minder geluidsoverlast. Ook voorkomt u hiermee de uitbreiding van de kattenpopulatie. Binnen een aantal jaar kunnen twee katten immers voor duizenden nakomelingen zorgen.
  3. Plant aantrekkelijke planten voor uw katten: bijvoorbeeld kattenkruid, gamander of schildzaad, steenanjer, vetmuur, sierhaver, zachte lange grassoorten en kattengras.
  4. Zorg voor een zonnige, zachte ligplek.  Of houd katten aan een kattenriempje in de tuin, zodat ze in uw eigen tuin kunnen rondlopen met bewegingsvrijheid.

Tips om katten te weren

  1. Breng kattenschrikdraad aan op de schutting. Kattenschrikdraad is een speciaal soort schikdraad met een lagere spanning dan in weilanden.
  2. Breng op plaatsen waar geen regen valt, stof besprenkeld met citroensap aan.
  3. Leg koffiedrab op plekken waar veel gegraven wordt.
  4. Plant onaantrekkelijke planten in de tuin. Deze planten zijn: wijnruit, boerenwormkruid, afrikaantjes en planten met citroengeur.
  5. Zet satéprikkers of stekelige takken tussen planten en bloemen.
  6. Leg mottenballen neer op plekken waar geen regen komt (biet bij moestuinen.)
  7. Maak ongewenste katten een paar keer nat met tuinslang, tuinsproeier of waterpistool.

Overlast van marters

Wanneer marters uw zolder of verlaagd plafond als woonplaats hebben uitgekozen, kan dat een groot probleem zijn. De marter kruipt ook ’s nachts graag onder de motorkap van uw auto en kan daar behoorlijke schade aanbrengen aan bekabeling of waterslangen. Een marter heeft meerdere vaste ‘woningen’ of dagrustplaatsen die hij afwisselend gebruikt. Daarom lijkt het vaak alsof er meerdere marters zijn, terwijl het om één en hetzelfde dier gaat. 

Bij overlast van marters heeft de gemeente en/of woningvereniging niet de plicht om iets aan de overlast te doen en is de bewoner(ster) zelf verantwoordelijk. Het heeft dan ook geen zin om hierover een melding in te dienen bij de gemeente.
Alleen als de overlast groot en structureel is, wordt er in sommige gevallen afgeweken van deze regel. De marter behoort tot de beschermde diersoorten. Om te bewerkstelligen dat de marter uit de woning, de auto en/of directe omgeving verdwijnt, zijn een aantal oplossingen uitvoerbaar zonder het dier daarbij te schaden.

Overlast van muizen

Muizen veroorzaken knaagschade en stankoverlast, verstoren de (nacht)rust en kunnen ziektekiemen verspreiden die bij de mens kunnen resulteren in voedselvergiftiging en/of huidziekten.

U bent zelf verantwoordelijk voor het bestrijden van overlast van muizen; het is niet de plicht van de gemeente (of de woningvereniging). Het heeft dan ook geen zin om hierover een melding in te dienen bij de gemeente.

Dit betekent echter niet dat u zelf aan de slag kunt gaan met bestrijdingsmiddelen en vergif; schakel een gediplomeerd bestrijdingsbedrijf in!

Het volgende kunt u zelf ondernemen om muizenoverlast te voorkomen of te bestrijden:

  1. Zorg ervoor dat muizen uw woning of bedrijf niet binnen kunnen komen:
    • Maak alle (onnodige) gaten in uw woning dicht.
    • Plaats roosters of gaas met openingen tot maximaal 5 mm in luchtkokers of doorvoeren van ventilatie- of afvoerbuizen.
    • Vul ventilatievoegen met een stukje fijnmazig gaas.
  2. Zorg voor goede hygiëne, zowel binnen als buiten de woning:
    • Berg voedsel (ook de opslag van diervoeders) op in goed gesloten voorraadbussen en/of containers. Let op dat deze niet van hout zijn: muizen knagen hier namelijk gewoon doorheen!
      Let vooral op met chocolade! Muizen zijn er dol op én ze worden minder gevoelig voor bestrijdingsmiddelen doordat het vitamine K bevat.
    • Plaats klapvallen met kaas of pindakaas.
    • Plaats ‘inloopvallen’ waarin muizen levend gevangen worden. Hiervoor moet u echter veel tijd en geduld hebben.
    • U mag zelf lokaasdoosjes plaatsen met giftig bromadialon, difethialon, difenacum of brodifacum. Lokaas met het actieve bestanddeel bromadiolon is het enige bestrijdingsmiddel dat ook buiten gebruikt mag worden. Alle andere middelen mogen slechts binnen gebruikt worden. Voor alle lokaas geldt: nooit los strooien maar in lokaasdoosjes wegzetten! Het los strooien van lokaas leidt vaak tot doorvergiftiging. Dat betekent dat het kan worden opgenomen door kinderen, huisdieren, vogels enzovoort. Dit moet te allen tijde voorkomen worden. Bij de ongediertebestrijdingsbedrijven zijn goede en goedkope kartonnen lokaasdoosjes te koop die u zelf mag toepassen. Lees altijd goed de gebruiksaanwijzing op de verpakking. Hierop staat het wettelijke gebruiksvoorschrift. Dit betekent dat het alleen op deze wijze gebruikt mag worden. Veel middelen mogen alléén gebruikt worden door gediplomeerde bestrijdingstechnici.
       

Overlast van ratten

De mens ondervindt de meeste overlast van de zwarte en de bruine rat (ook wel rioolrat genoemd). Beide zijn dragers van bacteriën en ziektekiemen en kunnen daarmee de ziekte van Weil, paratyfus, pest, voedselvergiftiging en huidziekten veroorzaken. De woelrat, muskusrat en beverrat zijn planteneters en niet gevaarlijk voor de volksgezondheid.

Bij overlast van de zwarte en/of de bruine rat is het in eerste instantie de plicht van de gemeente om in het kader van het gevaar voor de volksgezondheid een inspectie uit te voeren. U dient hiervoor een melding in te dienen bij de gemeente. Kijk verder bij Melding over de woonomgeving. Deze melding wordt geregistreerd en vervolgens zal er een controle plaatsvinden.

De bestrijding is in alle gevallen een samenspel tussen bewoners, gemeente en eventueel woningverenigingen/-stichtingen. Het is dus zaak om overlast van ratten tijdig te melden. Ga daarom ook niet zelf met vergif experimenteren, ratten kunnen namelijk resistentie opbouwen tegen het aangeboden gif.

De gemeente zoekt allereerst de bron van de overlast en op basis daarvan worden maatregelen getroffen. Soms is er een defect aan het gemeentelijk rioolstelsel. Dan worden er door de gemeente maatregelen genomen, indien nodig in combinatie met een bestrijding. Is er sprake van een defect aan een riool op uw eigen grondgebied, dan bent u zelf verantwoordelijk; u dient dan ook de kosten te betalen. Door het gebruik van dichte riolen blijven de ratten in tegenstelling tot vroeger gelukkig in de regel in het riool. Komen ze toch naar boven, dan worden ze door professionele bestrijdingsbedrijven bestreden met zogenaamd multi-dosis-vergif (ze moeten er vaker van eten). Dit is minder gevaarlijk voor mens en huisdier. Bestrijding vindt pas plaats als de oorzaak van het oorspronkelijke probleem achterhaald en verholpen is.

Het volgende kunt u zelf ondernemen ter bestrijding van rattenoverlast:

  1. Zorg ervoor dat ratten uw woning of bedrijf niet binnen kunnen komen:
    • Maak alle (onnodige) gaten in uw woning dicht.
    • Plaats roosters of gaas met openingen tot max. 5 mm in luchtkokers of doorvoeren van ventilatie- of afvoerbuizen.
    • Vul ventilatievoegen met een stukje fijnmazig gaas.
  2. Zorg voor een goede hygiëne, zowel binnen als buiten de woning:
    • Verwijder alle afval en voedselresten, voorkom rommelhoeken en sla afval op in gesloten containers
    • Gooi geen gekookt voedsel in de compostbak, alleen vers groente- en tuinafval. Het wil nog wel eens voorkomen dat ratten zich via de onderkant van de compostbak een weg knagen tot boven in de compostbak. Om dit te voorkomen kunt u de bak op 9 trottoirtegels (30 x 30 cm) plaatsen en de tegels 1 cm uit elkaar plaatsen zodat wormen nog wel toegang hebben tot de bak maar ratten niet.
    • Berg voedsel (ook de opslag van diervoeders) op in goed gesloten voorraadbussen en/of containers. Let op dat deze niet van hout zijn! Ratten knagen hier namelijk gewoon doorheen!
    • Let vooral op met chocolade: ratten zijn er dol op én ze worden minder gevoelig voor bestrijdingsmiddelen doordat het vitamine K bevat.

Oproep aan schoolgaande jeugd

Jullie kunnen meewerken aan het beperken van rattenoverlast door geen afval zoals snoepresten, verpakkingen en limonadeblikjes of boterhammen in de struiken te werpen in plaats van in de afvalbakken. Maar al te vaak zien we in de buurt van scholen dat er veel vuil wordt geworpen in de struiken of in bermen en taluds. Dit trekt veel ongedierte aan en ook ratten. Jullie kunnen er dus in grote mate zelf toe bijdragen dat we geen rattenplaag krijgen in de buurt van scholen waardoor jullie ernstig ziek kunnen worden.

Overlast van vleermuizen

Vleermuizen zijn bedreigde en beschermde dieren en bovendien zeer nuttig. In die zin behoren zij niet tot de categorie 'ongedierte'. Soms duiken verzwakte vleermuizen echter op in uw huis of in uw tuin. Dat kan tot problemen en overlast leiden, met name in de maanden mei, juni en juli wanneer zij kraamkolonies vormen.

Vleermuizen mogen niet zomaar verjaagd, gevangen of gedood worden.

Heeft u overlast van vleermuizen of verzwakte vleermuizen in huis of tuin? Neem dan contact op met de afdeling Beheer Openbare Ruimte via het algemene telefoonnummer (ook buiten kantooruren). De gemeente geeft uw melding door aan een deskundige vleermuiswerker van het IVN Ubach over Worms die u benadert voor een gratis bezoek. De vleermuiswerker stelt het soort vleermuis vast en zoekt vervolgens naar een oplossing die voor u en voor de vleermuizen acceptabel is. Let op: Het is niet de bedoeling dat u belt om een door de tuin vliegende vleermuis te melden.